|
Dit jaar werd het hoogste moyenne (2745) gescoord
door Johnny Modderman. Hij speelde echter maar 7 partijen
en haalde hiermee niet de vereiste 12 om in de eindstand
opgenomen te worden. In de laatste ronde waren er
nog 2 kanshebbers voor de titel. Tjipke Smedinga (2722)
stond er het beste voor maar hij kon door fysieke
ongemakken niet komen spelen. Daardoor bleef hij steken
op 11 partijen en kwam hij dus ook niet in de einstand
te staan. Oscar Veltman, die 18 partijen haalde, schoof
met een moyenne van 2644 door naar de hoogste tree
op het ereschavot en werd dus kampioen. De strijd
om de tweede plaats werd gestreden door Sjoerd Hofman
en Henk Hosper. Het verschil was zo klein (2595 om
2586) dat een uitslag tussen twee andere leden de
posities kon doen wisselen. Het was Sjoerd die nipt
de tweede plaats veroverde.
In de B-groep was het al een aantal weken duidelijk
dat Wolter Sloothaak de eerste plaats op zou gaan
eisen. Hij zou zelfs vierde in de A-groep geweest
zijn met zijn moyenne van 2284. Een uitstekende prestatie
was er van de pas 14 jarige Joel Meindertsma. Na een
stabiel seizoen met een uiteindelijke +3 score en
een moyenne van 2057 werd hij tweede. Gerben Alberts
pakte de derde plaats met een moyenne van 1952. Na
10 jaar niet gedamd te hebben is ook dit een prestatie
van formaat.
Sinds 1943 heeft DCH een speciale prijs in omloop,
namelijk het wisselschild. De vervaardiger van dit
kunstwerkje heeft toentertijd bedongen dat de prijs
nooit definitief door iemand gewonnen mocht worden.
Het schild werd in het verleden uitgereikt aan diegene
die over een heel seizoen het beste gemiddelde haalde
over al zijn gespeelde partijen in clubverband. Voormalige
winnaars zijn ondermeer Pieter Peetsma en Jannes v/d
Wal. Vanaf dit seizoen wordt de felbegeerde prijs
gewonnen door diegene die in alle doordeweekse partijen
de meeste punten behaald. Dit jaar was het Oscar Veltman
die de meeste punten pakte (41).
|